In welke privégegevens mag de Belastingdienst allemaal kijken?

De Belastingdienst vraagt via een kort geding om inzage in het gebruik van een Museumkaart. De kans op een overwinning voor de fiscus is groot.

Belastinginspecteurs mogen vrijwel onbeperkt rondneuzen in het privéleven van de burger, mits zij dat doen in het kader van de belastingcontrole. Dat wettelijk recht informatie op te vragen gaat verder dan alleen bank- en inkomensgegevens. De Belastingdienst kan ook navragen waar en wanneer iemand heeft geparkeerd, wanneer hij met de trein heeft gereisd en welke tentoonstellingen een houder van een museumkaart heeft bezocht.

Inzage museumbezoek?
De Belastingdienst wil inzage in het museumbezoek van een kaarthouder die op zijn belastingaangifte heeft ingevuld dat hij of zij in 2014 in het buitenland woonde. De fiscus vermoedt waarschijnlijk dat de kaarthouder wel in Nederland verbleef en hoopt dat te kunnen aantonen via diens bezoek aan Nederlandse musea. De stichting die de Museumkaart uitgeeft weigert echter aan het informatieverzoek van de fiscus te voldoen omdat dit de privacy van de kaarthouder zou aantasten. Hierover dient een kort geding bij de rechtbank van Amsterdam over dit geschil, aangespannen door de Belastingdienst.

Fiscus staat sterk
De kans dat de rechter in het voordeel van de Belastingdienst beslist is groot. De wet geeft de fiscus ruime bevoegdheden om informatie op te vragen. Dat moet ook wel, anders kan de dienst zijn werk niet goed doen. De fiscus moet immers kunnen controleren of de ingevulde belastingaangifte waarheidsgetrouw is. Daarvoor moeten belastingambtenaren ook gegevens bij derden kunnen opvragen. Om te bepalen of iemand in aanmerking komt voor huurtoeslag moet de belastingdienst kunnen nagaan welk inkomen die persoon geniet en hoeveel huur hij betaalt, of hij samenwoont en zo ja: welk inkomen die partner dan heeft.

Bedrijven moeten verplicht meewerken
Alle bedrijven en instellingen die over fiscaal relevante gegevens van belastingplichtigen beschikken, zijn verplicht die gegevens zeven jaar te bewaren. Ook burgers die bepaalde kosten van de belasting aftrekken, moeten vijf jaar later nog kunnen aantonen dat die aftrekpost gerechtvaardigd was. Zij zijn er zelf verantwoordelijk voor dat zij de bewijsstukken al die tijd bewaren. In 2013 kregen sommige Nederlanders daarmee te maken toen de Belastingdienst hun vroeg bewijs te overleggen van in 2011 gemaakte treinreiskosten. De Nederlandse Spoorwegen bleken de ov-chipkaartgegevens maar anderhalf jaar lang te bewaren, waardoor de belastingplichtigen die hun ov-chipkaartgegevens niet hadden opgeslagen en bewaard een naheffing opgelegd kregen.

Bron: Actuele Artikelen

Een crediteur die een schuldregeling weigert kan worden veroordeeld in de kosten van een proces

Het bekende uitgangspunt is dat het iedere schuldeiser vrijstaat om te verlangen dat 100 % van zijn vordering, met rente en incassokosten, wordt voldaan. Als een schikkingsaanbod voorziet in een aanzienlijk lagere uitdeling op een uitstaande vordering dan zal de crediteur weigeren. Maar ons recht kent het zogenaamde dwangakkoord (in artikel 287a van de Faillissementswet) als het gaat om een debiteur die in een problematische schuldensituatie verkeert. Een ondernemer kan zelf in zo’n crediteurenpositie zitten, maar natuurlijk omgekeerd ook zelf zo’n debiteur zijn. De vraag die de rechter zich dan stelt is: Worden door de weigering de belangen van de overige schuldeisers en van verzoeker geschaad ? En zo ja, hebben die belangen dan voorrang boven de belangen van de crediteur?

Recente zaak

In een recente zaak overwoog de Rechtbank te Utrecht dat het schikkingsaanbod aan de schuldeisers het maximum haalbare was in deze omstandigheden. En dat de crediteur alleen maar minder zou kunnen krijgen, als het aan zou komen op een wettelijke schuldsaneringsprocedure van drie jaar lang. Dit is een zeer belangrijk gegeven in de dwangakkoord-afweging.

 

Belangenafweging

Volgens de crediteur (een verhuurder) zou de debiteur – zodra hij tot de arbeidsmarkt is toegetreden – aan zijn schuldeisers een hoger aanbod kunnen doen. De rechtbank was echter van oordeel dat dit niet erg aannemelijk was: het vinden van betaald werk op grond van het problematische verleden van de debiteur, zijn situatie en zijn leeftijd was onwaarschijnlijk (hij was bijna 66 jaar). Redelijkerwijs was dus niet te verwachten dat hij voor zijn schuldeisers echt meer zou kunnen sparen. Er waren ook geen vermogensbestanddelen meer aanwezig die iets zouden kunnen opleveren. De crediteur kon daarom in redelijkheid worden verplicht om aan het akkoord mee te werken, en de rechtbank wees het verzoek dwangakkoord toe.

 

Leeftijd kan meespelen in proceskostenveroordeling

Ook was verzocht om de crediteur te veroordelen in de kosten van de procedure. Lid 6 van artikel 287a Faillissementswet geeft daar een wettelijke grondslag voor. In de omstandigheden van dit geval waar evident is dat verzoeker binnenkort de pensioengerechtigde leeftijd bereikt en waarin de verhuurder niet heeft gemotiveerd waarom de debiteur nog zou beschikken over vermogen, is de rechtbank van oordeel dat voor de verliezende partij een veroordeling in de proceskosten moet worden uitgesproken. De rechtbank beschouwt de wettelijk verplichte begeleiding in de minnelijke schuldhulpverlening als een soort rechtsbijstand en knoopt dus aan bij het tarief van de verplichte procesvertegenwoordiging, in dit geval ruim € 600,-. Deze uitleg vormt een extra prikkel voor crediteuren om in ieder geval op gemotiveerde wijze een schikking te weigeren en om hun knopen goed te tellen alvorens het op een behandeling van een verzoekschrift dwangakkoord aan te laten komen.

Bron: Actuele Artikelen

Besluit uitfasering pensioen in eigen beheer directeur-grootaandeelhouders: verlenging termijn insturen informatieformulier

Bij afkoop of omzetting van pensioenrechten hebben directeur-grootaandeelhouders voortaan een jaar de tijd om het informatieformulier in te sturen. Dit staat in het besluit dat op 31 oktober 2018 is gepubliceerd in de Staatscourant. Het besluit maakt het ook mogelijk om (ex-)partners het informatieformulier alsnog te laten ondertekenen.

De belastingdienst verlengt de termijn voor het insturen van het ‘informatieformulier Afkoop of omzetting van pensioen in eigen beheer’ tot een jaar. Directeur-grootaandeelhouders die vóór 13 december 2017 hun pensioenvoorziening in eigen beheer hebben afgekocht of omgezet, kunnen het informatieformulier ook nog insturen. Het moet dan uiterlijk op 12 december 2018 binnen zijn.

Ondertekening door (ex-)partner

Als het informatieformulier ten onrechte niet door de (ex-)partner is ondertekend, dan ontvangt u een verzoek van ons. In dit verzoek stelt de inspecteur de (ex-)partner alsnog in de gelegenheid dit formulier te ondertekenen. De inspecteur stelt hiervoor een termijn van tenminste 6 weken.

Einde aan onzekerheid

Tot en met 2019 geldt een regeling waarbij directeur-grootaandeelhouders de mogelijkheid hebben om hun pensioenvoorziening in eigen beheer met een fiscale korting af te kopen. Veel informatieformulieren kwamen te laat of zonder handtekening van de (ex-)partner binnen. Het besluit maakt een einde aan de onzekerheid bij directeur-grootaandeelhouders of ze dan nog wel recht hebben op deze regeling. Is het informatieformulier – juist en volledig ingevuld – binnen de verlengde termijn aangeleverd, dan komt de afkoop of omzetting van het pensioen in eigen beheer (toch) in aanmerking voor de fiscale korting. Voorwaarde is wel dat de aangifte loonheffingen op tijd en volledig is ingediend en dat de loonheffingen op het afkoopbedrag zijn betaald.

Bron: Actuele Artikelen

Papieren aandeelhoudersregister is vaak niet op orde

De aandeelhoudersregistratie van bedrijven is vaak niet actueel, onvolledig, onjuist of zelfs kwijt. Dit blijkt uit een peiling van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB). Van de 708 deelnemende (kandidaat-)notarissen geeft 34 procent aan dat dit ‘regelmatig’ het geval is. Nog eens 35 procent zegt ‘vaak’ en 16 procent zelfs ‘heel vaak’.

CAHR?
De Tweede Kamer is begonnen aan de behandeling van het initiatiefwetsvoorstel voor een centraal aandeelhouders­register (CAHR). Het CAHR geeft inzicht in wie schuil gaan achter bv’s en niet-beursgenoteerde nv’s en levert hierdoor een waardevolle bijdrage aan voorkoming en bestrijding van financieel-economische criminaliteit door middel van rechtspersonen. Het CAHR dient mede de rechtszekerheid, omdat er – zoals uit de peiling blijkt – geregeld iets mis is met de aandeelhoudersregistratie van vennootschappen. Het CAHR heeft een belangrijke toegevoegde waarde ten opzichte van het UBO-register. Dit register wordt gedeeltelijk openbaar. Veel bedrijven – met name familiebedrijven – maken zich zorgen over deze openbaarheid.

Lobby 
Voor de lobby heeft de KNB de leden een paar vragen gesteld. Hoe vaak herstructureren cliënten – met het UBO-register in zicht – hun bedrijf om registratie in dat register te voorkomen? En hoe vaak is er iets mis met het huidige aandeelhoudersregister, het zogenoemde klappertje? 22 procent van de beroepsgroep nam deel aan de peiling. 62 procent van de ondervraagden maakt ‘soms’ tot ‘heel vaak’ mee dat cliënten herstructurering overwegen, in gang zetten of hierover advies vragen om registratie in het UBO-register te voorkomen. De KNB denkt dat dit toeneemt als het UBO-register wordt ingevoerd en zal daarom in een later stadium opnieuw peilen.

Bron: Actuele Artikelen

De vennootschapsbelasting kan nóg lager: zo concurreren landen om bedrijven aan te trekken

Het VK wil met „de laagste vennootschapsbelasting” ook na de Brexit buitenlandse bedrijven trekken. Maar bij vestigingskeuze is die heffing alleen niet doorslaggevend. Het Verenigd Koninkrijk staat er – net als Nederland – om bekend scherp aan de wind te zeilen op belastingvlak. En premier Theresa May liet onlangs blijken geen millimeter te zullen wijken van die koers: „Wat voor bedrijf u ook heeft, investeren in Groot-Brittannië na de Brexit geeft u de laagste vennootschapsbelasting in de G20.”

VK wil koppositie winstbelasting behouden
Sinds het Verenigd Koninkrijk de winstbelasting voor bedrijven vorig jaar verlaagde naar 19 procent, heeft het al de laagste winstbelasting van de G20: de club van de negentien belangrijkste industrielanden ter wereld en de Europese Unie. May liet blijken die ‘koppositie’ nooit uit handen te willen geven.

Ook Nederland ziet kracht van laag tarief in
Ze vindt het tarief van de winstbelasting belangrijk om de economie competitief te houden. Daarin staat ze niet alleen. Afgelopen woensdag nog zei Laura van Geest, directeur van het Centraal Planbureau, tegen NRC dat het „om je vestigingsklimaat te verbeteren logischer is om de vennootschapsbelasting te verlagen” dan de dividendbelasting af te schaffen. Het kabinet is overigens van plan om per 2021  de vennootschapsbelasting te verlagen van 25 naar 22,25 procent.

Hoe belangrijk is de hoogte van de vennootschapsbelasting voor het aantrekken van investeringen?
„Het is een van de eerste zaken waar ondernemingen op letten”, zegt Raymond Luja, hoogleraar rechtsvergelijkend belastingrecht in Maastricht. Volgens hem speelt de vennootschapsbelasting met name een rol bij de „voorselectie” door buitenlandse bedrijven die investeringen over de grens overwegen. Mede op basis van het tarief van de vennootschapsbelasting stellen ze een shortlist van landen samen. Vervolgens maken ze op basis van meer criteria een definitieve keuze: naast de fiscale omstandigheden gaat het dan bijvoorbeeld om infrastructuur en arbeidsmarkt.

De winstbelasting voor bedrijven blijft daarmee op het internationale economische toneel een grote rol van betekenis spelen.

Bron: Actuele Artikelen

Papieren aandeelhoudersregister vaak niet op orde

De aandeelhoudersregistratie van bedrijven is vaak niet actueel, onvolledig, onjuist of zelfs kwijt. Dit blijkt uit een peiling van de Koninklijke Notariële Beroepsorganisatie (KNB). Van de 708 deelnemende (kandidaat-)notarissen geeft 34 procent aan dat dit ‘regelmatig’ het geval is. Nog eens 35 procent zegt ‘vaak’ en 16 procent zelfs ‘heel vaak’.

CAHR?
De Tweede Kamer is begonnen aan de behandeling van het initiatiefwetsvoorstel voor een centraal aandeelhouders­register (CAHR). Het CAHR geeft inzicht in wie schuil gaan achter bv’s en niet-beursgenoteerde nv’s en levert hierdoor een waardevolle bijdrage aan voorkoming en bestrijding van financieel-economische criminaliteit door middel van rechtspersonen. Het CAHR dient mede de rechtszekerheid, omdat er – zoals uit de peiling blijkt – geregeld iets mis is met de aandeelhoudersregistratie van vennootschappen. Het CAHR heeft een belangrijke toegevoegde waarde ten opzichte van het UBO-register. Dit register wordt gedeeltelijk openbaar. Veel bedrijven – met name familiebedrijven – maken zich zorgen over deze openbaarheid.

Lobby 
Voor de lobby heeft de KNB de leden een paar vragen gesteld. Hoe vaak herstructureren cliënten – met het UBO-register in zicht – hun bedrijf om registratie in dat register te voorkomen? En hoe vaak is er iets mis met het huidige aandeelhoudersregister, het zogenoemde klappertje? 22 procent van de beroepsgroep nam deel aan de peiling. 62 procent van de ondervraagden maakt ‘soms’ tot ‘heel vaak’ mee dat cliënten herstructurering overwegen, in gang zetten of hierover advies vragen om registratie in het UBO-register te voorkomen. De KNB denkt dat dit toeneemt als het UBO-register wordt ingevoerd en zal daarom in een later stadium opnieuw peilen.

Bron: Actuele Artikelen

De regeling van de belastingrente zal in het Belastingplan 2019 worden aangepast

De belastingrente regeling houdt in, dat belastingplichtigen bij tijdig en correcte aangifte geen rente hoeven te betalen als er een bijbetaling moet plaatsvinden. De aanslag kan dan namelijk op tijd worden opgelegd. Wordt de aangifte niet op tijd ingediend dan volgt een aanslag met rente waarbij de hoogte per belastingmiddel kan verschillen. De rente wordt in rekening gebracht vanaf de dag dat de aangifte ingediend had moeten zijn tot 6 weken na dagtekening van de aanslag, ongeacht wanneer de aanslag binnen deze 6 weken wordt voldaan.

Rente als sanctie
De rente is dus te zien als een sanctie voor te laat aangifte doen dan wel geen voorlopige aanslag aan te vragen.  In het Belastingplan 2019 wil de Staatssecretaris de belastingrente voor de inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting en de erfbelasting aanpassen.

 

Wat zal er aangepast worden? 

Inkomstenbelasting:
er zal geen belastingrente in rekening worden gebracht indien de aangifte wordt ingediend voor
1 mei van het jaar volgend op het jaar waarover aangifte moet worden gedaan en de aanslag conform die aangifte wordt vastgesteld

Erfbelasting:
Het kan voorkomen dat belastingrente in rekening wordt gebracht ondanks dat de aangifte tijdig wordt ingediend en de aanslag conform die aangifte wordt vastgesteld. Voorstel zal daarom worden dat als tijdig een verzoekt om een voorlopige aanslag wordt ingediend of tijdig aangifte erfbelasting wordt gedaan, geen belastingrente in rekening wordt gebracht indien de (voorlopige) aanslag wordt vastgesteld overeenkomstig het ingediende verzoek of de ingediende aangifte.

Vennootschapsbelasting
Ook wil hij voor de vennootschapsbelasting bewerkstelligen dat indien een aangifte wordt ingediend voor 1 juni en de aanslag overeenkomstig de aangifte wordt vastgesteld, geen belastingrente wordt gerekend

Onder voorbehoud …
Dit alles uiteraard als een en ander voor de belastingdienst uitvoerbaar blijkt te zijn. Gezien de uitvoeringsproblemen zal het niet mogelijk zijn de rente die doorloopt tot en met 6 weken na dagtekening te laten stoppen op moment dat binnen die 6 weken de aanslag is voldaan.
Voor wat betreft de hoogte van de in rekening te brengen rente geldt ( en dat zal ook zo blijven) de wettelijke rente voor (niet-)handelstransacties met een ondergrens van 4 en 8% afhankelijk van de belastingsoort.

Bron: Actuele Artikelen

Dividend

De kranten staan er de laatste maanden bol van, de dividendbelasting wordt zoals nu bekend is niet afgeschaft. Nu zou dit u in privé toch niet raken omdat het met name ziet op de grote internationale bedrijven. Maar toch is dit punt aanleiding voor dit artikel. Er zijn meerdere maatregelen die de komende jaren gaan spelen waaronder de voorgestelde verlaging van de vennootschapsbelasting. En via deze wijziging kom ik met een omweg toch bij het dividend dat u, als directeur groot aandeelhouder, uit  de opgebouwde algemene reserves van de B.V. naar u in privé wilt uitkeren. Het vennootschapsbelasting tarief kan dan wel omlaag gaan maar het tarief van box 2 waarin het inkomen uit de BV (waarin u een aanmerkelijk belang heeft) wordt belast vanaf 2020 omhoog.

Geen overgangsrecht
Aangekondigd is dat er geen overgangsrecht voor onder het hogere vennootschapsbelastingtarief opgebouwde algemene reserve, de winsten dus die u na belasting tot en met heden gespaard heeft in uw B.V.! Dat houdt dus met een hoger tarief in box 2, in dat het uit te keren bedrag per saldo zwaarder belast gaat worden dan nu het geval is en dan het geval zal zijn met toekomstig op te bouwen algemene reserves. Die laatste vallen dan immers onder het nieuwe, lagere tarief vennootschapsbelasting waardoor de gecombineerde heffing t.z.t. over die opgebouwde winsten en de uit te keren dividenden ongeveer gelijk zal zijn aan het huidige gecombineerde tarief

Wel/niet uitkeren van dividend?
Uitkeren van dividend vóór 2020 kan dus een belastingbesparing opleveren. Of het verstandig is dat te doen hangt mede van uw financiële privé en B.V. situatie af. Ga dus tijdig na wat bij u de voorkeur zal genieten.

Bron: Actuele Artikelen

Toeslagen

Komt u in aanmerking voor toeslagen? Dit zijn tegemoetkomingen van de overheid in de kosten voor huur, kinderen en zorgverzekering. Of er recht bestaat op een of meerdere toeslagen is afhankelijk van de persoonlijke situatie.

Huurtoeslag
De verhouding huur en inkomen is bepalend of u in aanmerking komt voor huurtoeslag.

Kinderopvangtoeslag
Veel werkenden en/of studerende met kinderen die gebruik maken van kinderopvang kunnen mogelijk in aanmerking komen voor kinderopvangtoeslag. Of u hiervoor in aanmerking komt en tot welk bedrag is afhankelijk van inkomen een aantal kinderen dat naar de opvang gaat. Daarnaast kennen we het zogenaamde kindgebonden budget. Dat ziet op kinderen jonger dan 18 jaar en ook hier is de hoogte afhankelijk van inkomen, vermogen en aantal kinderen.

Bijdrage zorgkosten
Afhankelijk van de hoogte van inkomen en vermogen kan iedereen van 18 jaar en ouder in Nederland mogelijk een bijdrage in de kosten voor de zorgverzekering krijgen die in Nederland is afgesloten.

Toeslagpartner van belang
Van belang is dat het inkomen van je zogenaamde toeslagpartner meetelt bij de berekening voor de hoogte van de toeslag(en). Als toeslagpartner gelden niet alleen de echtgenoot of een geregistreerde partner ook degene die op uw adres staat ingeschreven! Ook het aangaan van een samenlevingscontract maakt dat er sprake is van een toeslagpartner. Duidelijk zal zijn dat daarvan ook sprake is bij het gezamenlijk aankopen van een huis. Of u in aanmerking voor toeslagen komt kunt u testen op de site van de belastingdienst.

Bron: Actuele Artikelen

Expats boos op kabinet

Expats in Nederland zijn boos op het kabinet vanwege de belastingverhoging waarmee ze komend jaar te maken krijgen. In de Miljoenennota werd bevestigd dat buitenlandse werknemers niet meer acht jaar maar vijf jaar belastingkorting krijgen.

Kennismigranten
In 2016 maakten ongeveer 65.000 buitenlandse werknemers gebruik van de zogenoemde 30-procentregeling. Die regeling zorgt ervoor dat zij over 30 procent van hun inkomen geen belasting hoeven te betalen en is bedoeld om Nederland aantrekkelijker te maken voor ‘kennismigranten’ die bijdragen aan de Nederlandse economie.
Uit onderzoek in opdracht van het ministerie van Financiën bleek vorig jaar dat de regeling werkt, maar niet optimaal. Het zou effectiever zijn om de looptijd terug te brengen naar vijf of zes jaar, was het advies. Uit de Miljoenennota bleek dat het kabinet de regeling daadwerkelijk terugbrengt naar vijf jaar, zonder overgangsregeling.

Geen transitieperiode
De expats zijn vooral boos over het ontbreken van een transitieperiode. De Nederlandse overheid heeft natuurlijk het recht om de wet te veranderen, maar zonder transitieperiode breekt het beloftes. Mensen die hier al vier jaar wonen hebben keuzes gemaakt op basis van die acht jaar. Ze hebben hun financiële planning erop afgesteld.

Afgepakt cadeau
Niet alle expats zijn tegen de kabinetsplannen, voor velen voelt het vooral als oneerlijk om zo snel zonder overgangsregeling de belastingvoordelen weg te nemen. In feite is een cadeau beloofd dat nu zonder vooraankondiging wordt afgenomen.

Bron: Actuele Artikelen