Pensioenpremies met 5% omhoog

De Nederlandsche Bank (DNB) heeft de rekenrente, waarmee pensioenfondsen hun toekomstige verplichtingen berekenen, verlaagd. Dit leidt gemiddeld tot circa 5% hogere premies, aldus de toezichthouder. Of werknemers de premie daadwerkelijk zullen zien stijgen volgend jaar, zal per fonds verschillen. Veel fondsen vragen nu al een hogere premie dan strikt noodzakelijk is volgens DNB en hoeven daardoor wellicht de premie niet te verhogen.

Geen kortingen

Ook leidt de lagere rekenrente tot een daling van de dekkingsgraden, die weergeven in hoeverre een fonds de pensioenen kan betalen. Gemiddeld gaat het volgens DNB om een daling van de dekkingsgraad van 3 procentpunt. Maar bij pensioenfondsen met veel jonge deelnemers zal dit hoger liggen — op zo’n 6 procentpunt —, omdat hun verplichtingen verder in de toekomst liggen en de verlaging van de rekenrente daardoor meer effect heeft.

Bij fondsen met veel ouderen zal het juist om een iets kleinere daling gaan, zo’n 2 procentpunt. Volgens DNB zullen ongeveer tien pensioenfondsen door deze aanpassing alsnog in onderdekking raken en daarom een herstelplan moeten indienen. De maatregel zal naar verwachting niet tot kortingen leiden, aldus DNB.

Maandelijks berekend

De rekenrente gaat omlaag, omdat DNB de zogeheten ‘ultimate forward rate’ (ufr) heeft aangepast. Dat is een kunstmatige rente voor de langere termijn, oftewel na 20 jaar. Deze is een paar jaar geleden door DNB ingevoerd, omdat de rentes voor de langere termijn niet direct uit de markt zijn af te leiden door het gebrek aan handel in renteswaps op die termijn.

De ufr was gelijk aan die verzekeraars en lag op een vast percentage van 4,2%. Dat wil dus zeggen dat de rente vanaf een termijn van twintig jaar over meerdere jaren richting de 4,2% boog. Voortaan zal de ufr maandelijks berekend worden op basis van langetermijnvoorspellingen uit de markt van de voorgaande 120 maanden. Ultimo juni kwam de ufr met de nieuwe methode uit op 3,3%. De verwachting is dat deze de komende maanden zal dalen.

‘Gevaar van rijk rekenen’

Volgens Frank Elderson, bestuurder bij DNB, was deze aanpassing nodig omdat de rekenrente met de ufr van 4,2% te hoog was. ‘Het gevaar is dat fondsen zich dan rijk rekenen, waardoor te veel geld wordt uitgegeven en te weinig geld binnenkomt. De nieuwe rekenrente is evenwichtiger, bestendiger en eerlijker voor alle groepen.’ Hij doelt op het evenwicht tussen jong en oud. Als fondsen zich te rijk rekenen ontstaat voor jongeren namelijk het gevaar dat voor hen onvoldoende geld in de pot overblijft.

De pensioenfondsen zullen niet blij zijn met deze nieuwe rekenrente. Zij zien dan immers hun financiële situatie verslechteren en kunnen daardoor nog langer de pensioenen niet aanpassen aan de koopkracht.

Elderson zegt ‘heel goed te begrijpen’ dat dit voor fondsen lastig is. ‘Maar ik ben ervan overtuigd dat iedere bestuurder zal begrijpen dat je niet tot in lengte van dagen kunt rekenen met een kunstmatig hogere rekenrente.’

Pensioenfederatie ‘zwaar teleurgesteld’

De Pensioenfederatie, de koepel van pensioenfondsen, stelt in reactie ‘zwaar teleurgesteld’ te zijn over deze DNB-maatregel op de rekenrente. ‘Dit is een slechte maatregel. Werknemers en gepensioneerden worden zo onnodig de dupe’, aldus Gerard Riemen, directeur van de Pensioenfederatie.

Hij wijst erop dat de rente nu extreem laag is door het opkoopprogramma van de Europese Centrale Bank. ‘Met de nieuwe ufr-methodiek worden de pensioenen nog harder meegesleurd met de effecten van deze kwantitatieve verruiming, omdat de rentegevoeligheid toeneemt. Zo krijgen de Nederlandse pensioenfondsen harder dan wie dan ook in Europa de rekening van de stimuleringsmaatregelen voor hun kiezen.’

Op het argument van DNB dat de rekenrente nu evenwichtiger wordt voor jong en oud, kaatst Riemen terug dat de methode juist onevenwichtiger wordt voor jongeren. ‘Ook met de ufr van 4,2% wordt er niet geïndexeerd, dus er wordt helemaal geen geld uitgegeven aan gepensioneerden. Maar de premies gaan straks wel fors omhoog. Terwijl van kortingen geen sprake is. Dus jongeren worden juist hard geraakt.’

PvdA: ‘Veel vragen’

PvdA-Kamerlid Roos Vermeij vindt dat dit DNB-besluit veel vragen oproept. ‘Het is in de tegengestelde richting van wat we met z’n allen juist willen, namelijk minder premiedruk’, aldus Vermeij. Voor de werknemers en gepensioneerden vindt ze de maatregel ‘buitengewoon pijnlijk’ en ‘beroerd getimed’. De regering zal daarom aan de Kamer moeten uitleggen waarom deze forse klap naar beneden nodig was, stelt Vermeij. ‘En het is dan niet genoeg om te zeggen: DNB is bevoegd om dit te doen. Ik wil meer uitleg.’

Ook vindt Vermeij het wonderlijk dat hierover helemaal geen overleg is geweest met de Kamer. ‘Terwijl wij er juist voor hebben gezorgd dat de aanpassing van de rekenrente per januari 2015 is uitgesteld, omdat er toen nog geen duidelijkheid was over de Europese rekenrente voor verzekeraars.’ De Kamer wilde destijds onder meer niet dat pensioenfondsen een strenger regime zouden krijgen dan verzekeraars.

FNV: ‘Aanpassing onverstandig’

Vakbond FNV vindt de aanpassing van DNB ‘onverstandig’. ‘Hierdoor wordt de kans op het aanpassen van de pensioenen aan de lonen en de prijzen nóg kleiner. In combinatie met de huidige lage rente is dat zeer schadelijk voor de pensioenen van jong en oud’, aldus de vakbond.

Volgens FNV-bestuurder Gijs van Dijk zullen gepensioneerden en werknemers de gevolgen meteen in hun portemonnee voelen. ‘Ze krijgen minder indexatie en moeten meer premie betalen, beiden zijn slecht voor de koopkracht’, aldus Van Dijk. De bestuurder wijst erop dat de pensioenen zich nu al in onrustig vaarwater bevinden. ‘Ik snap dan ook niet waarom er nu op deze manier door de DNB wordt ingegrepen.’

Ouderenorganisatie Anbo vindt dat DNB een slecht gevoel van timing heeft met de invoering van de nieuwe ufr, omdat de indexatie nu nog verder weg komt te liggen en de pensioenpremies omhoog gaan. ‘Dat betekent dat gepensioneerden wel dag kunnen zeggen tegen indexatie en dat terwijl het pensioen de laatste jaren als 14% minder waard geworden is’, zegt Anbo-directeur Liane den Haan.

Reactie grote fondsen

Metaalfonds PMT verwacht dat de dekkingsgraad door deze maatregel zal dalen van 103,5% naar 100,2%, met als direct gevolg dat indexatie van de pensioenen langer op zich zal laten wachten. Volgens Guus Wouters, directeur van PMT, komt dit hard aan bij de deelnemers van PMT. ‘Zij zijn al geconfronteerd met kortingen op hun pensioen en hun pensioenen zijn al sinds 2009 niet meer geïndexeerd. Dat indexatie met dit besluit nu nog verder weg komt te liggen is een boodschap die erg pijnlijk is.’

Het fonds voor de metalektro (PME) heeft doorgerekend dat het met de nieuwe ufr een jaar langer zal duren voordat het fonds weer kan indexeren. ‘Een verlaging van de pensioenen is niet aan de orde, maar de kans daarop neemt wel toe. Al met al wordt het er niet beter op in deze toch al onzekere tijden: de kwetsbaarheid van het fonds neemt toe’, zegt Eric Uijen, bestuurder bij PME.

De dekkingsgraad van PME zal zo’n 2,4% dalen door de nieuwe ufr. Daardoor zal het fonds net onder de 100% zakken, aldus PME.

Ambtenaren en zorg

Zorgfonds PFZW, het op één na grootste pensioenfonds van Nederland, heeft doorgerekend dat de dekkingsgraad met 3 procentpunt zal dalen door de nieuwe rekenrente. ‘Bij gelijkblijvende rentes kan dat percentage zelfs nog wat verder oplopen’, aldus de woordvoerder van PFZW. Wat het effect op de premie van de werknemers in de zorg zal zijn kan het fonds nog niet zeggen. Het fonds onthoudt zich verder van commentaar op de maatregel.

Bij ambtenarenpensioenfonds ABP, het grootste fonds van Nederland, daalt de dekkingsgraad als gevolg van de nieuwe ufr met 1,9%-punt, zo meldde het fonds dinsdagmiddag. ‘Voor de deelnemers van ABP heeft een lagere dekkingsgraad tot gevolg dat indexatie verder uit beeld raakt’, aldus de woordvoerder. ABP laat zich verder niet uit over het besluit van DNB.

 

 

Bron: fd.nl